Dit is weer typisch zo’n nieuwsbrief van mij. Ik kijk om me heen, er valt mij wat op, ik vind er wat van en val daar dan anderen mee lastig. Voor degenen die zich al eerder lastiggevallen voelden door mijn ‘psychologie van de koude grond’, raad ik aan een goed boek te pakken en deze nieuwsbrief weg te leggen.
Voor hen die er nog bij zijn het volgende:
Ik zat van de week in een vliegtuig naar de US. Een week bij Microsoft in retraite om me eens helemaal onder te dompelen in hun strategieën en ideeën ter meerdere eer en glorie van onze innige partnership met Microsoft.
De groep met passagiers was bijzonder divers: een stuk of 30 IT architecten die ook naar Microsoft gingen. Je kent ze wel; laptop op schoot, stukjes tikken en zich afvragen of de WiFi in het vliegtuig het geld waard is. Dat is een vrij eenvormige groep. Verder een groep sherpa’s (denk ik) met afgetrainde bergkoppen en vreemde mutsjes. Moeders met kinderen, oma’s met Libelles (kunnen Margrieten geweest zijn), een paar rallyrijders die blijkbaar niet goed begrepen waar Le Dakar binnenkort start en zo nog wat.
Wanneer je deze personen individueel tegenkomt op het vliegveld hebben we allemaal een eigen uitstraling en identiteit. Maar wanneer we als haringen in een tonnetje (economy class) op 10 kilometer hoogte zitten, lijken we allemaal hetzelfde te worden. Iedereen gedraagt zich een beetje hetzelfde. De sherpa’s hebben dezelfde blik en houding als ze bij het toilet staan te wachten als de rallyrijders en de IT geeks. We proberen allemaal op dezelfde manier de ranzige pasta (economy class) zonder knoeien naar binnen te werken.
En dat is handig. Volgens mij werk je zo samen om wrijving en conflicten te voorkomen en samen je doel te bereiken met een minimaal energieverbruik. De duidelijke protocollen en kaders van in een vliegtuig zitten, zorgen voor eenvoud. Het is duidelijk wie de leiders zijn (de piloot) en wie de diensten verleent (de rest). Het is duidelijk wat je wel kan doen en niet kan doen.
Net als in onze projecten eigenlijk. Wij streven er naar in onze projecten in een vroeg stadium duidelijk te maken hoe we het beste met elkaar kunnen samenwerken. We willen met minimale energie en wrijving op tijd hetzelfde doel bereiken. Het is duidelijk wie de projecten leidt en wie de diensten levert. Zo verspillen we geen energie en kunnen we ons focussen op realisatie van datgene dat voor de klant het beste is.
Niet door individualiteit plat te slaan, maar door met een duidelijke projectmethode, duidelijke doelen en duidelijke samenwerking alle neuzen dezelfde kant op te krijgen en te houden.
Want eenmaal opgestegen en op 10 kilometer hoogte wil je eigenlijk alleen maar vooruit. En rap een beetje.